skip to main content

Data over daten: vrijgebruiken in Nederland

Afspraakjes maken, uitgaan en verkering krijgen zijn onderwerpen die niet snel geassocieerd worden met wetenschappelijk onderzoek. Maar voor historisch-demografen en gezinshistorici zijn ze uitermate belangrijk. Recent is de Radboud Universiteit in samenwerking met het Meertens Instituut een project gestart om de gegevens van een vragenlijst over vrijgebruiken in Nederland te digitaliseren en te onderzoeken.

De vragenlijsten van het Meertens Instituut

Het Meertens Instituut is in 1931 begonnen met het sturen van vragenlijsten naar informanten in Nederland en Vlaanderen. De eerste vragenlijsten gingen over dialect en al snel volgden vragenlijsten over volkskunde en naamkunde. In de volkskundige vragenlijsten werden allerlei vragen gesteld over gebruiken rond feestdagen en volksgebruiken zoals het brengen van offers voor mooi weer– bekend bij de lezers van Het Bureau van J.J. Voskuil. Gemiddeld stuurden zo’n 1000 mensen een ingevulde vragenlijst retour. Tegenwoordig worden de vragenlijsten digitaal verstuurd en ingevuld door het Meertens Panel. Dat panel bestaat uit ruim 5000 informanten. Inmiddels zijn er plannen ontwikkeld om middels een recent gestart crowdsourcing project, de komende jaren, alle 220 vragenlijsten te digitaliseren.

Verkering en verloving

Vooruitlopend op dat crowdsourcing project zullen de antwoorden van een van de vragenlijsten, nummer 40 uit 1971 over vrijgebruiken, in een database worden gezet. Het project wordt gesubsidieerd door de Radboud Universiteit. Het doel van vragenlijst nummer 40 was destijds om meer te weten te komen over verkering en verloving. De vragen gaan over de ‘vrijer’ en ‘vrijster’, de manier van kennismaken, de verkering en de verloving.

Jonge Akademie lid en onderzoekster Hilde Bras: ‘Deze vragenlijst bevat voor historisch-demografen en gezinshistorici zeer interessante gegevens over vrij- en verlovingspatronen. Dergelijke gegevens kunnen op geen enkele andere wijze op systematische manier verkregen worden. Door de culturele gegevens uit de vragenlijst te koppelen aan recent beschikbaar gekomen grote databestanden met individuele gegevens over levenslopen (Historische Steekproef Nederlandse Bevolking- HSN) en met sociaal-economische en demografische gegevens op gemeenteniveau (Historische Databank Nederlandse Gemeenten-HDNG) kunnen eerdere bezwaren en tekortkomingen van de vragenlijsten deels ondervangen worden en ontstaat er in wetenschappelijke zin meerwaarde boven wat er tot op heden op grond van de vragenlijsten is gedaan.’ Douwe Zeldenrust, coördinator van de onderzoekscollecties van het Meertens Instituut kan hier nog aan toe voegen dat er in dit kader nog meer interessante vragenlijsten zijn. ‘Na de vragenlijst over de vrijgebruiken wilden de onderzoekers destijds meer inzicht krijgen in huwelijksgebruiken. Vragenlijst nummer 43 uit 1973 gaat over die huwelijksgebruiken en kan ook voor hedendaags onderzoek significante gegevens bevatten.’

Resultaten

In een eerder dit jaar uitgevoerd project heeft Hilde Bras, met behulp van een student-assistent, de antwoorden op een aantal vragen uit de vragenlijst van 1941 over gebruiken rond zwangerschap en geboorte ingevoerd. De verkregen data is gekoppeld aan gemeentelijke geboortecijfers en gegevens over de economische ontwikkeling en religieuze samenstelling van plaatsen, afkomstig uit de Historische Databank Nederlandse Gemeenten. Uit de analyse blijkt dat in gemeenten waar (volks)religieuze rituelen en overtuigingen nog gangbaar waren – met name kerkgang onder katholieke vrouwen en geloof in de benadeling van jonge kinderen door verwensingen of toverij – de geboortecijfers hoger lagen. De eerste resultaten van de vragenlijst over de vrijgebruiken worden eind zomer 2013 verwacht.

Meer informatie over het vrijwilligersproject en het gebruik van de vragenlijsten voor wetenschappelijk onderzoek is te vinden in de nieuwsbrief van het Meertens Instituut, juli 2012.

Foto door Jennuine Captures, Flickr.com