skip to main content

Orale cultuur

De etnologische focus op orale cultuur binnen het Meertens Instituut ligt op volksverhalen en volksliederen. In de groep Lied- en Verhaalcultuur wordt onderzoek gedaan naar het repertoire van liederen en volksverhalen in Nederland, en met name naar hun nationale en internationale traditie, transmissie, betekenis en variatie over regionale en politieke grenzen. 

Het onderzoek is verdeeld in vijf projecten (B2a-B2e), die elk een andere dimensie van de orale cultuur belichten. Vaak is variatie indicatief voor veranderingen in moraal, cultuur en samenleving, terwijl de analyse van verhalen inzicht kan bieden in hedendaagse maatschappelijke kwesties zoals identiteit, etniciteit, waarden en overtuigingen, in- en uitsluiting, angsten en vooroordelen. Zoals alle cultuur is de orale cultuur altijd in beweging, en wordt deze in toenemende mate door traditionele en nieuwe media in allerlei vormen over de hele wereld verspreid. De studie van de orale cultuur moet daarom in een internationaal en interdisciplinair perspectief worden geplaatst. Tegelijkertijd worden verhalen en liederen juist vooral via lokale talen uit- en overgedragen. Dit betekent dat voor het onderzoek aan het Meertens Instituut, met name het Nederlands en Fries, een centrale rol spelen. De onderzoekers Orale Cultuur van het Meertens Instituut concentreren zich voor een deel op de relatie tussen taal, tekst en verhalen bij de creatie van een onderscheidend gevoel van ‘Nederlandsheid'.

Onderzoek naar verhaal en lied komt samen in een gedeelde interesse voor verhalende teksten, waarin het verhaalonderzoek het accent legt op narratieve aspecten en het liedonderzoek zich voornamelijk richt op poëtische en muzikale aspecten. Het onderzoek wordt ondersteund door documentatie in de vorm van twee gelijkaardige onlinedatabases (de Nederlandse Liederenbank, zie www.liederenbank.nlen de Nederlandse Volksverhalenbank, zie www.verhalenbank.nl), die bestaan uit grote collecties liederen, verhalen en metadata, over een lange historische periode (globaal van de middeleeuwen tot nu). Naast deze ondersteunende functie, zijn de databases van belang als nationaal erfgoedarchief. In het algemeen vergemakkelijkt de documentatie van lied en verhaal het onderzoek naar de vorm, functie en betekenis van Nederlandse volksverhalen en liederen (en de bijbehorende instrumentale muziek) door een vergelijkend perspectief in tijd en plaats. Zoals altijd is onze specifieke interesse gericht op mondelinge levering, maar het belang van (de interactie met) geschreven bronnen wordt steeds prominenter. In zekere zin is Lied- en Verhaalcultuur gepositioneerd tussen het etnologisch en linguïstisch onderzoek van het Meertens Instituut en waar mogelijk vindt er samenwerking tussen de disciplines plaats. Verder is duidelijk dat het verhaal- en liedmateriaal bruikbaar zijn voor onderzoek in de Digital Humanities (zoals eerdere projecten zoals FACT, Tunes & Tales en WitchCraft hebben aangetoond).