Publicatiedatum: 10 februari 2026
De strijd om de verbeelding van religie in themaparken en op TikTok
Het idee dat ontkerkelijking leidt tot het verdwijnen van religie klopt niet. Volgens religiewetenschapper Ernst van den Hemel is het geloof vooral van plek veranderd. Kerken lopen leeg, maar zingeving, ritueel en gemeenschap duiken op nieuwe manieren op in de politiek, in themaparken en op sociale media. “Religie is niet verdwenen, maar op drift geraakt,” stelt Van den Hemel.

Door: Britt van Sloun
Volgens Van den Hemel, die op 24 februari zijn oratie uitspreekt aan de Universiteit Utrecht, hoef je maar naar de populaire cultuur te kijken om te zien dat religie op allerlei manieren aanwezig is. Die verbeelding blijft niet beperkt tot films, muziek of online media, maar krijgt ook een fysieke vorm in themaparken en andere immersieve ‘experiences’. Daar worden religieuze ideeën ruimtelijk en zintuiglijk vormgegeven, vaak met behulp van media als virtual reality, 360-gradenvideo’s en hologrammen. Door meerdere zintuigen tegelijk aan te spreken, dompelen deze media bezoekers onder in een ervaring die voelt alsof je er zelf middenin staat.
Verbeelding van geloof in thematische parken
In het Creation Museum in Kentucky lopen bezoekers bijvoorbeeld tussen animatronische dinosaurussen die het Bijbelse scheppingsverhaal letterlijk verbeelden. In Turkije is er Miniatürk, een openluchtmuseum geïnspireerd op Madurodam, waar miniaturen de Byzantijnse, Ottomaanse en moderne geschiedenis uitbeelden. Het zijn allemaal voorbeelden van plekken waar Van den Hemel en zijn collega’s onderzoek naar doen binnen het onderzoeksproject MAKEBELIEF.
Religieuze en culturele ideeën worden tastbaar gemaakt in zulke omgevingen. “Het zijn plekken van verbeelding. Ze proberen bezoekers zo diep onder te dompelen in een thematische wereld dat de grens tussen verbeelding en werkelijkheid vervaagt,” zegt Van den Hemel. Zijn fascinatie voor dit soort plekken ontstond tijdens een motorreis door China, waar hij het Oriental Buddha Theme Park bezocht. Daar wordt het boeddhisme uitgelegd aan de hand van gereconstrueerde tempels en educatieve installaties. Tegen de achtergrond van de complexe positie van Boeddhisme in het communistische China komen op deze plek veel spanningen samen: “Je ziet hoe een politieke verbeelding van Boeddhisme aan de man gebracht wordt.”
Ze proberen bezoekers zo diep onder te dompelen in een thematische wereld dat de grens tussen verbeelding en werkelijkheid vervaagt
Ook in de Verenigde Staten onderzoekt Van den Hemel met collega’s hoe zulke mechanismen werken, ondermeer in Dollywood, het park van zangeres Dolly Parton. Hoewel het park niet expliciet religieus is, spelen christelijke waarden, nostalgie en gemeenschapsgevoel er een duidelijke rol. Er is een nostalgische kerk in het park, bezoekers bewegen zich langs podia met live gospel- en countrymuziek, ambachten en dorpspleinen die verwijzen naar het Amerikaanse Zuiden. Geluid, decor en vaste looproutes versterken de ervaring. Dollywood combineert zo ‘folksy’ religie met een missie om op een inclusieve wijze iedereen te vermaken.
Imagineering en het sturen van geloof
Dat Dollywood niet alleen wil vermaken, maar ook een positieve bijdrage aan de maatschappij probeert te leveren is geen uitzondering. Themaparken zijn volgens Van den Hemel bijna nooit alleen vermaak. “Historisch gezien hadden ze vaak ook een pedagogische functie,” vertelt hij. “Madurodam is niet alleen een plek waar je je kan vergapen aan kleine huisjes, het is ook een oorlogsmonument waar je trots op alles waar Nederland groot in is wordt bijgebracht. De Efteling is gebouwd om katholiek verantwoord vermaak te bieden, en Walt Disney wilde met zijn parken niet alleen vermaken, maar ook verbeelding in ‘de juiste richting’ sturen. Het bedrijf Disney noemt dit ‘imagineering’: het vormgeven of engineeren van de verbeelding. De combinatie van amusement, educatie en morele vorming maakt themaparken interessante onderzoeksobjecten. Vooral omdat je ziet dat ze in de eenentwintigste eeuw over de hele wereld gebruikt worden om de verbeelding van religie te sturen.”
In themaparken worden alle zintuigen aangesproken: zicht, geluid, geur, beweging. “De missie van zo’n park wordt vaak niet uitgelegd, maar voelbaar gemaakt.” zegt Van den Hemel. Het prikkelen van zintuigen maakt het mogelijk om gevoelens op te roepen, zoals angst of empathie. Dat maakt het ideale plekken om te onderzoeken hoe media worden ingezet om verbeelding te sturen. “Technieken die in themaparken worden ingezet, zoals immersie, zie je vaak later in musea of andere plekken opduiken. Zo is het tegenwoordig ontzettend populair om je boodschap in een ‘experience’ over te brengen.”
Emoties laten zich niet programmeren
Toch kan een immersieve ervaring andere emoties opwekken dan de makers aanvankelijk hadden bedacht. Van den Hemel vertelt over zijn ervaring bij een installatie die de Hamastunnel in Gaza moest voorstellen, op het Spui in Amsterdam. “Het is duidelijk dat deze installatie probeert je verbeelding te stimuleren door je onder te dompelen in een andere werkelijkheid. De bezoeker loopt door een benauwde tunnel met in surround-sound overal om je heen bombardementsgeluiden, bedoeld om empathie te voelen voor Israëlische gijzelaars. Maar, wat ik ervoer was óók empathie voor de mensen buiten de tunnel.”
Die reactie was waarschijnlijk niet de primaire bedoeling van de makers. “Het laat zien hoe moeilijk het is om emoties precies te sturen,” zegt Van den Hemel. Immersieve media zijn misschien goed in het opwekken van emoties, maar ervaringen kunnen van elkaar verschillen. Culturele achtergrond, persoonlijke geschiedenis en verwachtingen spelen daarin een grote rol.
Onderzoek met zintuigen en lichaam
Omdat emoties zo’n centrale rol spelen in religieuze themaparken, zoekt Van den Hemel naar onderzoeksmethoden die de ervaring kunnen vatten. Hij werkt onder andere met sensorische etnografie, een methode waarmee je onderzoekt wat een plek je probeert te laten voelen, maar daarbij ook meeneemt wat je zelf ervaart. “Je verzamelt en analyseert informatie over wat mensen ervaren en waarnemen in hun leefwereld,” legt hij uit. Op deze manier krijgen Van den Hemel en zijn collega’s inzicht in hoe religieuze ideeën, gevoelens en betekenissen worden verbeeld.
Ook doen ze aan participatieve observatie, waarbij ze deelnemen aan de ervaringen die ze onderzoeken. “Wij lopen rond, praten met bezoekers en nemen onze eigen ervaringen mee in de analyse.” Met 360-gradencamera’s legt hij situaties vast om emoties later te kunnen terugroepen en met anderen te delen. “We delen die video’s op ons blog en YouTube-kanaal zodat anderen virtueel kunnen rondkijken,” zegt hij. “Zo kan ons publiek ook een beetje voelen hoe de sfeer is.”
Digitale religie op TikTok
Themaparken dompelen bezoekers onder in een geregisseerde wereld. Algoritmes doen dit op hun beurt op sociale media, met emotionele triggers in plaats van fysieke decors. Van den Hemel legt uit dat het ook belangrijk is onderzoek te doen naar dit soort digitale plekken. “Tachtig procent van de jongeren haalt zijn nieuws van sociale media,” legt hij uit. “Maar als je op TikTok naar ‘islam’ zoekt, krijg je geen neutrale, gedegen uitleg. Je ziet vooral korte filmpjes die sterke emoties oproepen. Dat zijn de digitale attracties van onze tijd.”
Als je op TikTok naar ‘islam’ zoekt, krijg je geen neutrale uitleg
Om te onderzoeken hoe dat hier werkt gebruikt hij zogenaamde ‘dedicated devices’, speciaal voor dit doel geprepareerde telefoons zonder persoonlijke data of zoekgeschiedenis. “Als je gewoon met je eigen telefoon gaat TikTokken, kijk je voor een groot deel naar een algoritmische spiegel van jezelf. Algoritmes schotelen je content voor waarvan ze denken dat het mensen zoals jij aanspreekt. Dat kleurt wat je ziet. We noemen dat ook wel het Black‑Mirror‑probleem. Met lege profielen kunnen we beter zien wat het platform toont zonder dat je eigen zoekgedrag het resultaat kleurt.” Vaak is dat extreme of polariserende content. “Dat vormt hoe mensen religie zien, zonder dat ze zich daar altijd bewust van zijn.” Het blijkt dat extreme of polariserende content beter scoort, maar daardoor verdwijnt de normale, alledaagse religie uit het zicht.
Verminderen van vooroordelen en angst
Van den Hemel wil met zijn onderzoek niet zozeer een oordeel vellen, maar inzicht bieden. “Net als sociale media kunnen immersieve media verbinden, maar ook verdelen. Dat hangt natuurlijk af van hoe ze worden gebruikt.” In tijden van polarisatie en desinformatie is het volgens hem belangrijk om te begrijpen hoe onze emoties en gevoelens beïnvloed worden door media. “Met mijn onderzoek probeer ik te begrijpen hoe onze ervaringen van religie gestuurd worden, en wat daarbij uit het oog verloren wordt,” zegt hij.
Die kennis kan je ook in de praktijk brengen. Mede doordat veel mensen hun informatie van sociale media halen, waar extremen benadrukt worden, bestaan er veel vooroordelen over religie in Nederland. Immersieve media kunnen bijdragen aan het informeren van mensen over normale, alledaagse religie. Van den Hemel is daarom bezig een project op te zetten op scholen, waarbij leerlingen via VR-brillen een doodnormale dienst in een moskee, kerk of synagoge kunnen ervaren. “Door zo’n alledaagse ervaring van religie mee te geven, kan je bijdragen aan het verminderen van vooroordelen en angst.”

